Lessenserie: The Dawn of English

De afgelopen maanden heb ik voor 4 vwo Engels een lessenserie van 20 lessen ontwikkeld over Engelse geschiedenis, taalkunde en -ontwikkeling en literatuur van Oud Engels tot en met de Renaissance. Hier doorheen heb ik academische vaardigheden en grammatica verweven. Leerlingen lezen daarnaast thuis een non-fictieboek en geven een presentatie over het onderwerp van dat boek.

Het materiaal kan ik, helaas, niet in haar volledigheid delen vanwege copyright. Ik wil vooral met dit artikel inspireren en laten zien hoe je als docent je lessen kunt ontwerpen over literatuur, taalkunde en academische vaardigheden. Ik neem je mee op reis door mijn ontwerpfase en uitvoering en leg uit waar ik tegenaan liep en welke keuzes ik heb gemaakt.

Omdat dit een vrij lang artikel is geef ik hier de sleutelwoorden van het project per onderdeel:

Academische vaardigheden: reading journal, opbouw van een non-fictie boek, analytisch lezen, monitoren van leesbegrip, mini-essay, infographic, de structuur van een presentatie (Hero’s Journey, Freytag’s Pyramid), effectief gebruik van PowerPoint, oefenen voor een presentatie, stemgebruik en lichaamstaal, publiek betrekken, en hoe beheers je je zenuwen.

Geschiedenis: Angelen en Saksen, Vikingen, Normandiërs, vroeg Christendom, feodale stelsel, hoffelijkheid en hoofse liefde, kruisvaarders, de Honderdjarige Oorlog, de Wars of the Roses, Henry VIII, Elizabeth I, James I, humanisme, en de reformatie.

Taalkunde: Indo-Europees, Oud Engels, Scandinavische invloeden, runes, Franse invloeden, Great Vowel Shift, invloed van Chaucer, leenwoorden, de Inkhorn Controversy, Vroeg Modern Engels, en de boekdrukkunst.

Literatuur: Beowulf (moderne vertaling), kenning, Garder’s Grendel (laatste hoofdstuk), fornyrðislag, the Anglo-Saxon Chronicle, Sir Gawain and the Green Knight, Canterbury Tales (selectie), the Faerie Queene, en sonnetten.

Grammatica: reported speech, causative, past modals, relative clauses, suffixes, en like vs. as.

De reader na afronding van het project. Omdat ik de reader ontwikkelde terwijl ik er al les uit gaf, hadden de leerlingen een snelhechter en kregen iedere les de betreffende bladzijden van de reader.

Eindtermen

De lessenserie sluit goed aan bij de nieuwe Eindtermen waar taalkunde een meer prominente rol inneemt.

Eindterm 1: De leerling doet ervaring op met een rijk aanbod aan talige bronnen in het Engels op een passend taalniveau.

Eindterm 2: De leerling gebruikt de Engelse taal op een creatieve en persoonlijke manier.

Eindterm 4: De leerling toont begrip van de inhoud van schriftelijke bronnen in de Engelse taal.

Eindterm 5: De leerling verwerft doelgericht informatie uit diverse bronnen in de Engelse taal.

Eindterm 6: De leerling spreekt in de Engelse taal, afgestemd op doel, publiek en context. (presentatie: cijfer)

Eindterm 8: De leerling schrijft in het Engels, afgestemd op doel, publiek, context en medium.

Eindterm 9 : De leerling toont inzicht in overeenkomsten en verschillen tussen het Engels en andere talen.

Eindterm 10: De leerling toont inzicht in en reflecteert op taalvariatie binnen de Engelse taal en in de betekenis van het Engels als lingua franca.

Eindterm 14: De leerling toont inzicht in de mogelijkheden en beperkingen van digitale hulpmiddelen in de communicatie in het Engels (Generatieve AI).

Eindterm 16: De leerling doet ervaring op met verschillende vormen van fictie in de Engelse taal.

Eindterm 18: De leerling toont inzicht in Engelstalige literatuur uit diverse cultuurhistorische perioden.

Studiewijzer

Het enige huiswerk dat leerlingen in deze weken kregen was het lezen van  hun non-fictieboek en het bijhouden van hun reading journal. Daarnaast moesten ze een presentatie geven over het onderwerp van hun boek voor cijfer. In de toetsweek kregen ze een havo CITO examen. Hier oefenden we mee na de Dawn of English lessenserie (ongeveer 5-6 lessen).

AI

Ik heb Generatieve AI (ChatGPT 5.4/5.5) voor kleine taken gebruikt en dan met name bij het maken van de grammaticaopdrachten. De leerlingen gebruiken voor één opdracht kort generatieve AI (via Duck.ai). Wanneer ik AI heb gebruikt, zal ik dit bij het onderdeel kort bespreken. Hier is alvast een overzicht. Alle groene vakjes zijn geschreven, gemaakt of bewerkt door AI.

Voorwerk

We werkten al jaren in klas 4 met een reader over de periode tussen vroege middeleeuwen en de Renaissance, gemaakt door een oud-collega. Een jaar of vijf geleden had ik een eigen versie gemaakt waar ik meer aandacht gaf aan Oud en Middelengels. Dit was vooral geïnspireerd door de documentaireserie en het boek The Adventure of English. Vorig jaar kwam daar nog een mini-lessenserie academische vaardigheden bij. Dit jaar heb ik alles gecombineerd en mijzelf volledige vrijheid gegeven in het schrijven van de reader (geen maximum aantal bladzijden; 20 lessen).

Normaal gesproken zou ik een aantal hoofdstukken uit ons lesboek moeten doorwerken maar deze hoofdstukken worden niet getoetst. Ik heb gekeken welke grammatica er behandeld wordt en heb deze onderwerpen verwerkt in de reader. Lezen, luisteren en (creatief) schrijven gebeurt allemaal binnen het thema.

Ontwerpen

Ik ben eerst begonnen de schetsen van de lessen. Ik verdeelde deze lessen in drie categorieën (Oud Engels, Middelengels en Vroeg Modern Engels). Daarna verdeelde ik de verhalen en onderdelen uit de oude readers. De academische vaardigheden omtrent lezen worden in de eerst twee categorieën gegeven. In de laatste categorie behandel ik presentatietechnieken. Leerlingen moeten immers eerst hun non-fictie boek lezen om zich daarna voor te bereiden op hun presentatie. Ik houd twee ‘reserve’-lessen mocht ik uitlopen.

Ik houd de eindtermen in mijn achterhoofd maar probeer niet te veel naar details te kijken. Als ik daar te vroeg op ga letten, voel ik mij belemmerd in mijn creatieve vrijheid. Later kan ik altijd nog bijschaven of bijsturen. Ik ken eindtermen redelijk uit mijn hoofd (creatief schrijven, taalvaardigheden, taalontwikkeling, digitale geletterdheid en literatuur) dus onbewust zal ik elementen betrekken die hierop aansluiten.

Eerste brainstorm van de lessenserie.

Ik schrijf de verschillende onderdelen in bepaalde kleuren zodat ik deze sneller terug kan vinden. Ook in de reader en de studiewijzer gebruik ik verschillende kleuren voor de onderdelen om voor leerlingen heel snel duidelijk te maken welk onderdeel we (gaan) behandelen.

In zwart staat wat de algemene lijn van de categorie is, daarna verdeel ik de verschillende onderdelen in kleuren. Hierna maak ik een grove outline voor iedere les. Ik gok hoeveel tijd ik ongeveer nodig ga hebben per onderdeel. Dit is voor een groot gedeelte gebaseerd op ervaring uit het verleden.

Ik ontwierp eest de eerste categorie volledig nog voordat de lessen begonnen, daarna gaf ik lessen in die categorie en ontwierp tegelijkertijd de volgende categorie. Zo kon ik ervaringen van de eerst categorie meenemen. Het ontwerpen bestond uit het maken van de bladzijden voor de reader (leerlingen kregen de reader pagina’s  per les voor in een snelhechter) en het maken van de PowerPoints. De laatste les (een Trivial Pursuit spel) is pas laat in het proces bedacht.

Verdere uitwerking van de lessen. Vanaf hier begin ik met het maken van de reader en de PowerPoints.

Non-fictie boek en Reading journal

Leerlingen moesten aan het einde van de lessenserie een presentatie geven over een onderwerp waarover ze hebben gelezen in een zelfgekozen non-fictieboek. In principe moesten leerlingen zelf dit boek regelen, maar had ik ook een aantal non-fictieboeken achter de hand voor leerlingen die daar niet uitkwamen. De onderwerpen liepen erg uiteen, van de Tweede Wereld Oorlog tot een biografie van een voetballer, van de Marslanding tot de Golden Standard.

De leerlingen krijgen les over de structuur van een non-fictieboek en hoe zij hun reading journal moeten bijhouden. Het reading journal is een notitiesysteem dat ik heb bedacht voor het lezen van fictie. Echter, het leent zich ook vrij goed voor non-fictie. Leerlingen vatten samen en reflecteren op hun gelezen werk. Het lezen van het boek was praktisch het enige huiswerk dat ze kregen. Hiervoor hadden ze ongeveer vier tot vijf weken de tijd. In de les leerden ze analytisch lezen en het schrijven van mini-reflecties (mini essay).

Het reading journal en analytisch lezen bereidt ze ook voor op het programma voor Engels in klas 5 en 6, waar ze 8 fictie boeken moeten lezen en bij mij in iedere module een non-fictie tekst moeten lezen dat is gekoppeld aan het literatuurproject, bijvoorbeeld The Five Stages of Grief bij Orpheus, Amusing Ourselves to Death bij dystopia’s en Man’s Search for Meaning bij het oorlogsthema.

Het lezen van non-fictie, hier op reflecteren en presenteren sluit ook aan bij het PWS in klas 5. Je zou kunnen zeggen dat het lezen van het non-fictieboek een mini-PWS is waar ze leren hoe ze informatie verzamelen, verwerken en communiceren aan een publiek.

De lessen

In veel lessen geef ik mini-presentaties over de geschiedenis en taalkunde van het Engels. Dit is ook modelling voor de leerlingen die aan het einde van de lessenserie hun eigen presentaties moesten geven. Onze lessen duren 50 minuten.

Hier volgt een schets van de lessen

Les 1: Beginnings
In deze les leg ik het een en ander uit over het lezen van het non-fictie boek, hoe het reading journal werkt voor non-ficitie, hoe non-fictie is opgebouwd, en hoe het uiteindelijk leidt tot een presentatie. Ik eindig de les met een korte introductie over taalkunde en Indo-Europees.

Les 2: Anglo-Saxons & Old English
Korte uitleg over de Angelen en de Saxen, waarom ze naar Engeland kwamen en hoe het eiland was ingedeeld. Ik vergelijk Germaanse talen (Oud Engels, Fries, Zweeds, Nederlands) en Iers (een Keltische taal) om verschillen en overeenkomsten te laten zien. Als opdracht vertalen leerlingen een korte Bijbeltekst: Se wīsa wer timbrode his hūs ofer stān (Mattheüs 7: 24-27). Met een paar woorden voorvertaald lukt het veel leerlingen om het te vertalen. Ik laat aan het einde van de les nog het Onze Vader luisteren in het Oud Engels.

Les 3: Epic Poetry – Beowulf
In deze les lezen we gedeelte uit Beowulf, een moderne vertaling van het epische gedicht. Ik leg kort uit wat kennings zijn en het belang van alliteratie. Ik lees de passage voor om duidelijke klemtonen en emotie in de tekst te leggen. Dit is belangrijk omdat we later dit gedicht gaan vergelijken met Sir Gawain and the Green Knight. De leerlingen maken een aantal verwerkingsvragen.

In het laatste gedeelte van de les, behandel ik kort nog Reported (indirect) Speech. De cloze-opdracht is gemaakt met generatieve AI. Ik heb de theorie over de geschiedenis die tot dusver is besproken in het model gezet en gevraagd aan de hand van die tekst reported speech zinnen te maken.

 

Oefening gemaakt met behulp van ChatGPT 5.4. Ik heb de theorie in het model gezet, een voorbeeld opgave en gevraagd deze twee te combineren. Daarna maak ik hier en daar nog kleine aanpassingen.

Les 4: Grendel & Annotating
In deze les laat ik leerlingen Beowulf laten vergelijken met John Gardner’s Grendel: wat is hetzelfde, wat is anders? Het laatste hoofdstuk van Grendel gaat over dezelfde scene die we hebben gelezen in de vorige les. Ook deze keer lees ik voor. Dit is belangrijk omdat Grendel is geschreven in de modernistisch ‘stream-of-consciousness’ en leerlingen kunnen daar nog wel eens in verdwaald raken.

Dan moeten leerlingen een essay lezen dat beide werken vergelijkt. Ik heb op internet gezocht naar zo’n essay maar kwam niet verder dan een zeer pover AI-gegenereerd stukje. Ik besloot toen zelf het essay te schrijven. Hier heb ik ongeveer een week over gedaan maar was wel heel interessant om te doen (en bracht mij nostalgisch terug naar mijn universiteitsjaren). Ik koos voor het thema ‘betekenisgeving’:

Both Beowulf and Grendel deal with existentialism: How to make sense of the chaotic world that surrounds us? Where to get meaning? How to make things real in an ocean of illusions? The Anglo-Saxons lived in a world of gods and myth that provided them purpose: why to be and how to be. In Grendel, Modern man is cursed with knowledge and therefore in doubt. He knows the cosmic bench might be empty: there might not be a God. It is up to us to create meaning. But are we able to create meaning knowing that meaning is merely an illusion? Gardner’s piece of art, Grendel, offers to be a meaning-maker. Just like Beowulf it attempts to bring order to the chaotic universe. Through knowledge we have gained the freedom to choose between following the Shaper and his illusionary stories but who always remains in the shadow of the dragon, or following doubt into the abyss of indifference.

Leerlingen lezen deze tekst analytisch. Voor veel leerlingen is het een pittige, filosofische tekst. Dit is met opzet. Ze zullen de tekst eigen moeten maken met annotaties. Ook geeft het een voorbeeld hoe je literatuur kunt benaderen; betekenis uit tekst te halen. Deze les kostte mij de meeste voorbereidingstijd, maar was ook het meest waardevol om te maken.

Les 5: Christianity & Vikings
Presentatieles over het Christendom en de Vikingen. Het tweede gedeelte is gericht op het non-fictieboek: hoe je tekst begrijpelijk kunt maken. Hier bespreek ik ook het maken van een outline van een hoofdstuk. Ik eindig de les met een grammaticaopdracht over Causative, waar ik wederom de theorie in generatieve AI heb gestopt om cloze-zinnen te maken gericht op wat er eerder in de les werd besproken.

Les 6: Fornyrðislag
Ik begin met de invloed van de Vikingen op de Engelse taal: hoe Engels veranderde van een inflexie taal (zoals Latijn) naar een taal dat bijvoorbeeld voorzetsels gebruikt. Ik bespreek kort de (Futhark) runes.

In het tweede gedeelte van de les gaan leerlingen aan de slag met creatief schrijven. Ze moeten in de les een poging wagen een fornyrðislag te schrijven: een dichtvorm die veel werd gebruikt in de tijd van de Angelen en de Saksen. Deze vorm richt zich op alliteratie en ritme. Dit is een behoorlijke uitdaging en hier zal ik volgend jaar meer tijd voor moeten reserveren.

Les 7: Norman Invasion
Ik begin met een korte presentatieles over de Normandische invasie en het einde van Oud Engels. In het tweede gedeelte lezen leerlingen delen van the Anglo-Saxon Chronicle, een werk dat de geschiedenis van de Angelen en de Saksen omschrijft. Leerlingen moeten uitzoeken welke delen we de afgelopen lessen hebben besproken en de bladzijde geven. Het doel is informatie zoeken (scannen).

De les eindigt met herhalingsopdrachten over de grammatica (wederom, Anglo-Saxon Chronicle tekst in generatieve AI gezet en zinnen laten maken). Ik eindig de les met een paar leestips voor fictie boeken over deze periode.

Les 8: Feudalism & French
Presentatieles over de vroege Middeleeuwen en het feodale stelsel. Met name hoffelijkheid en hoofse liefde zijn belangrijk voor de volgende les wanneer we passages uit Sir Gawain and the Green Knight gaan lezen. Ik vervolg de les met een korte introductie van de Franse invloeden op de Engelse taal en lees een passage uit Speculum Vitae:

In English tonge I schal ʓow telle,
ʓif ʓe wyth me so longe wil dwelle.
No Latyn wil I speke no [nor] waste,
But English, þat men vse mast [most],
Þat can eche [each] man vnderstande,

De les eindigt met een opdracht over Past Modals in de vorm van sentence transformation, een vorm die Cambridge vaak gebruikt op het FCE/CAE examen. Ik heb een voorbeeld in generatieve AI gezet en nieuwe zinnen laten genereren (met natuurlijk weer de besproken geschiedenis). Hier moest ik nog wel redelijk bijschaven.

Les 9: Sir Gawain and the Green Knight
In deze les lezen we een aantal passages uit Sir Gawain and the Green Knight in een moderne vertaling. Leerlingen maken verwerkingsvragen, waar ook vergelijkingen worden gemaakt met Beowulf.

Les 10: The Crusades
In deze les herhalen we analytisch lezen. De leerlingen lezen een tekst over de kruistochten en moeten dit analytisch lezen, net zoals ze hadden gedaan bij het essay over Beowulf en Grendel. Hierna moeten ze een samenvatting maken van ongeveer 200 woorden.

Les 11: Geoffrey Chaucer
In de les krijgen de leerlingen een korte introductie over Chaucer. Nadat ik de eerste regels van de Canterbury Tales heb laten horen in het Middelengels, verdeel ik de klas in groepjes. Ieder groepje krijgt een proloog van een personage in Middelengels. De leerlingen moeten dan het zo goed mogelijk zien te vertalen naar modern Engels. Ik loop rond om hier en daar een hint te geven. Aan het einde van les geven leerlingen een samenvatting voor de rest van de klas.

Les 12: Post-reading & the mini-essay
Vanaf deze les moet het non-fictie boek uit zijn. Ik geef een aantal tips hoe ze het boek kunnen verwerken om het niet (te veel) te vergeten. Daarnaast schrijven ze een mini essay over hun boek. Een mini essay is een vorm van vrij schrijven binnen de kaders van een simpel essay (AI Shorts zijn hier een voorbeeld van). Het kan helpen om je ideeën over een gelezen werk op een rijtje te zetten en je gedachten te onderzoeken.

In het tweede gedeelte maken leerlingen een grammaticaopdracht over relative clauses. Het onderwerp van de cloze-zinnen is Chaucers Canterbury Tales.

Les 13: Towards the Renaissance
In deze lees bespreek ik de Infographic: het grafisch samenvatten van een tekst. Ik begin met een bespreking van de Honderdjarige Oorlog tussen Frankrijk en England en laat een infographic zien die ik heb getekend met potlood en viltstift. Ik ben geen sterke tekenaar maar dat is in dit geval juist goed: je hoeft geen goede tekenaar te zijn om een infographic te maken.

Hierna lezen leerlingen een stuk tekst over de Wars of the Roses. De tekst was iets te lang en heb hem ingekort met (lokale) generatieve AI en zelf wat bijgeschaafd.

De les eindigt met een overzicht van literaire werken over de Middeleeuwen die ze op hun leeslijst van klas 5/6 kunnen zetten.

Les 14: The English Renaissance
Een presentatieles over Henry VIII, humanisme en de Reformatie.

Het tweede gedeelte van de les gaat over presentatiestructuren. Hoe bouw je een presentatie op? Hierbij maak ik gebruik van verhaalstructuren die we hebben besproken aan het begin van het schooljaar: the Hero’s Journey en Freytag’s Pyramid. Leerlingen analyseren Simon Sineks TED-talk: “Why good leaders make you feel safe” door deze in een Freytag’s Pyramid te zetten.

Les 15: Invasive Vocabulary
De les begint met tips over het gebruik van PowerPoint en de oefencyclus voor presentaties.

In het tweede gedeelte vertel ik kort iets over de invloeden van Nederlands, Portugees, Latijn en Grieks. Ik vervolg met een introductie over de Inkhorn Controversy: een beweging tijdens de Renaissance die terug wilde naar alleen woorden van Germaanse origine: I am of the opinion that our tung should be written cleane and pure, vnmixt and vnmangled with borowing of other tunges, wherin if we take not heed by tiim [by time], ever borrowing and never payeng, she shall be fain to keep her house as bankrupt” (ja, ‘pure’ komt uit het Latijn en ‘bankrupt’ uit het Italiaans).

Hierna gaan leerlingen aan de slag met een verwerkingsopdracht. Leerlingen krijgen een laptop en schrijven een samenvatting over hun non-fictie boek. Ze moeten proberen zoveel mogelijk woorden van Germaanse oorsprong te gebruiken. Hierna gaan ze naar Duck.ai, plakken hun tekst in AI en vragen of het model alle woorden die niet van Germaanse origine zijn, kan vervangen. De leerlingen bekijken daarna de AI tekst en zoeken drie woorden op waarvan ze twijfelen of AI het juist heeft. Deze woorden controleren ze met behulp van de website www.etymonline.com.

Leerlingen leren AI te gebruiken voor een kleine deeltaak, maak eindigen met een controle buiten AI om met behulp van een betrouwbare bron.

Kleine taalkunde opdracht met AI-gebruik

Les 16: The Virgin Queen
Korte presentatie over konining Elizabeth I gevolgd door een tekstbespreking van een passage uit The Faerie Queen: een homage aan de Elizabeth I. Ik heb gekozen voor een stuk over Britomart: een vrouw die vermomd is als ridder. Dit is een groot contrast met Beowulf en Sir Gawain and the Green Knight waar alleen mannen de helden kunnen zijn. De verwerkingsvragen gaan ook over het neerzetten van de vrouw in The Faerie Queen door de dichter Edmund Spenser. Britomart heeft namelijk een ander vrouwelijk personage tegenover haar die vals en verleidelijk is: hoe vrouwvriendelijk is het stuk daadwerkelijk?

The Faerie Queene is wel een vrij moeilijke tekst, zeker voor 4 vwo. Volgend jaar zal ik hier meer voorbereiding in moeten stoppen.

Les 17: Early Modern English
Ik begin met een korte presentatieles over The Great Vowel Shift, het eerste woordenboek, en de boekdrukkunst. Hierna volgt een opdracht over suffixes (wederom theorie in AI en zinnen laten genereren).

Het tweede gedeelte van de les gaat over het gebruik van je stem in presentaties en andere elementen om je publiek betrokken te houden. Er is een verwerkingsopdracht naar aanleiding van de TED-talk “How to speak so that people want to listen” door Julian Treasure. Ik laat een Freytag’s Pyramid zien van de presentatie.

Les 18: Like as the Waves
We beginnen met grammatica: as vs. like. De oefenzinnen zijn op basis van de theorie van de Renaissance tot dusver.

In het tweede gedeelte bespreek ik een aantal sonnetten van Shakespeare, Spenser en Howard met verwerkingsvragen. De les eindigt met leerlingen die moeten proberen vier regels jambisch pentameter te schrijven (waar de sonnetten ook in geschreven zijn).

Bij deze les was ik het meest ambitieus en volgend jaar moet hij gesplitst worden om lucht en ruimte te creëren voor het creatief schrijven.

Les 19: Anxiety and Engagement
Het eerste gedeelte van de les is een korte presentatie over James I en The Gun Powder Plot. Ik vertel nog iets over de groei van de stad Londen door de eeuwen heen.

Het tweede gedeelte van de les gaat over lichaamstaal bij presentaties. Leerlingen kijken naar de TED-talk “Looks aren’t everything. Believe me, I’m a model” van Cameron Russell en beantwoorden verwerkingsvragen. Ik eindig de les met hoe ik de presentaties beoordeel en bespreek de beoordelingsrubric. Voordat de leerlingen de les verlaten, geef ik nog een aantal fictiewerk tips  voor de leeslijst

Les 20: Show What You Know
Leerlingen spelen een zelfontworpen Trivial Pursuit spel over alles wat we de afgelopen lessen besproken hebben. In eerste instantie waren leerlingen geïnteresseerd, maar je merkt dat spelers tegenwoordig meer variabelen nodig hebben om die interesse vast te houden. Ik ga voor volgend jaar extra spelelementen bedenken. Verscheidene afbeeldingen heb ik gegeneerd in ChatGPT 5.4.

 

Speelbord Tivial Pursuit. De leerlingen rolden een D20 om een vraag uit een vragenlijst van een categorie te bepalen.

 

Laatste les is een bordspel met vragen. De groepjes bestaan uit 4 – 6 spelers.

Eindwoord

De lessenserie was voor een mij een groot avontuur om te kijken tot hoever ik het kan ontwerpen zodat alle elementen tot hun recht komen. Achteraf gezien zijn 20 lessen niet voldoende. Ik denk dat ik meer naar 23-24 lessen moet om leerlingen meer lucht en ruimte te geven voor de verwerking. Een aantal collega’s hebben aangegeven volgend jaar met het materiaal aan de slag te willen gaan.

De presentaties zijn ook beter geworden. Omdat leerlingen een compleet boek hadden gelezen, wisten ze meer over het onderwerp dan dat ze nodig hadden voor hun presentatie, waren ze meer zelfzeker, konden beter antwoord geven op vragen, en was de presentatie als geheel vaak meer solide.

Categories: , , , ,