Zelfregulerend leren in de les

In één van mijn lessen voor het centrale proefwerk in de toetsweek in zowel de onder- als de bovenbouw combineer ik het automatiseren van grammatica met zelfregulerend leren. De les is eenvoudig in haar opzet maar vraagt redelijk wat voorbereidingstijd voor een eerste keer. Tijdens deze les automatiseren leerlingen niet alleen bepaalde grammaticaonderdelen, maar leren ze ook over zelfregulatie in hun leerproces.

Het nut van invuloefeningen is controversieel. Een taal maak je vooral eigen door er in ondergedompeld te worden: lezen, spreken, luisteren, en zelf veel aan de slag met bijvoorbeeld formeel of creatief schrijven. Echter, ook voor automatiseren is er plek in het funderend onderwijs. Uiteindelijk wil je niet nadenken over grammatica; je wilt je taalgevoel op orde hebben. Oefenen en herhalen kunnen ook de intrinsieke motivatie aanwakkeren. Sterker nog, de afgelopen keer vroegen leerlingen expliciet naar de stencils: “meneer, krijgen we nog van die handige oefenstencils?”

Automatiseren helpt de cognitieve belasting te verlagen en het gevoel van beheersing voor een taal te versterken waardoor hogere taalverwerving, zoals spreken en schrijven, soepeler verloopt: je hoeft minder na te denken over de kleinere cognitieve taken noch het uit te besteden aan een algoritme. Leerlingen krijgen meer grip op taal en voelen zich veiliger en beter uitgerust bij spreek- en schrijftaken.

Wil je automatiseren door middel van invuloefeningen, in het Engels bekend als cloze-assignments, dan moet je deze wel doordacht aanbieden. Simpelweg een oefening in het boek laten maken en weer door, is geen goede vorm van automatiseren. Dat is meer een klusje volbrengen en doorgaan naar de volgende taak. Een goede automatiseringstaak heeft vertraging en reflectie ingebouwd.

In mijn automatiseringsles komen leerlingen in aanraking met het ‘waarom’ van bepaalde leerstrategieën. Voor een aantal zal dit de eerste echte ervaring zijn in effectief leren: gefocust, in kortere periode werken aan een opdracht. We gaan er in het onderwijs te vaak vanuit dat leerlingen wel weten hoe je moet leren. We vergeten echter dat leren een vaardigheid is die aangeleerd moet worden. Als je als docent deze vaardigheid betrekt in je curriculum, zullen je leerlingen zich vaardiger voelen in hun leerproces en daardoor hun resultaten verbeteren. Weten hoe je effectief leert versterkt de autonomie en verhoogt eigenaarschap in het leerproces.

Eindterm 12
In het nieuwe conceptexamenprogramma voor de Moderne Vreemde Talen is het taalleerproces opgenomen in een Eindterm (12 bij Engels): “De leerling toont inzicht in taalleerprocessen en reflecteert op het eigen taalleerproces.” Zelfregulering en metacognitie gaan dus een verplicht element worden bij de Moderne Vreemde Talen.

De nadruk van Eindterm 12 ligt op de eigen voorkeur van de leerling. Dit wekt de illusie dat een effectief taalleerproces volledig subjectief is. Natuurlijk heeft iedereen hier en daar zijn eigen voorkeuren, maar het verwerven van een taal heeft zeker een aantal pijlers waar je als lerende eigenlijk niet aan ontkomt. Ook zijn er ideeën over het leerproces die aannemelijk lijken maar nooit bewezen, zoals de leerstijlen, of een illusie van meesterschap geven (zoals bij bepaald AI gebruik) die leerlingen eerder doen stagneren in hun leerproces dan hen verder brengt.

We moeten dus als docent leerlingen instrueren wat, in algemene zin, waardevol leergedrag is en wat effectieve leerstrategieën zijn. De zelfregulatiegereedschapskist van de leerling moet gevuld worden en leerlingen moeten geoefend hebben met dat gereedschap. Ze moeten uitleg hebben gekregen over hoe het werkt, wanneer het werkt, en waarom het werkt. Alleen dan verwerf je als leerling inzicht om tot een degelijke reflectie op je eigen taalleerproces te komen.

Start
Voordat de les begint, gaan de tafels een halve meter uit elkaar. Leerlingen mogen niet overleggen. Dit is een zelfstudieles waar je het echt zelf moet doen. De leerlingen werken in stilte. Als ze een vraag hebben, mogen ze dit alleen aan de docent vragen.

Pomodoro planner
In mijn ‘vibe coding’ experiment heb ik een pomodoro planner gemaakt. Dit is een offline website die leerlingen kunnen downloaden en naar eigen inzicht thuis kunnen inzetten. De pomodoro planner komt op het bord. Ik adviseer de leerlingen om thuis sessies van 25 minuten met 5 minuten pauze aan te houden. In de les mik ik op 3 sessies van ongeveer 10-12 minuten met twee pauzes van 3 minuten. In de pauzes mogen ze praten en even iets doen wat niet met de les te maken heeft. Ze mogen ook doorwerken als ze in een ‘flow’ zitten. Daarna gaan ze weer stil aan het werk. Door het gebruik van de pomodoro planner in de les raken leerlingen bekend met de planner en zien ze hoe ze hem kunnen inzetten.

Het automatiseren
Het hart van de les is natuurlijk het automatiseren. In het verleden heb ik veel gewerkt met Moodle opdrachten, maar nu neig ik meer naar werken op papier. Ik maak werkbladen voor alle grammatica onderdelen die leerlingen moeten kennen. Leerlingen kiezen zelf aan welke onderdelen ze willen werken. Ze moeten echter van elk onderdeel minimaal één oefening maken en ze mogen niet oefeningen van hetzelfde onderdeel achterelkaar doen. Leerlingen hoeven niet het volledige stencil te maken. Zij kiezen zelf waar ze aan willen werken, ook thuis.

Ik probeer per grammaticaonderdeel ongeveer 6 tot 8 oefeningen met elk 8 items te maken. Deze genereer ik in AI. Ik upload de theorie en geef een voorbeeld van hoe ik het wil hebben. Soms betrek ik woorden uit de woordenlijsten die ze moeten beheersen, maar vaak daalt de algemene kwaliteit van de items hierdoor. Vaak moet ik de AI helpen een beetje variatie in de onderwerpen en theorie te maken. Ik controleer de items met de antwoorden. Dan kopieer ik de items naar Word en pas de gewenste lay out toe.

Ondanks dat de les een zelfstudieles voor leerlingen is, is de docent actief aanwezig. Je zult hier en daar wat vragen krijgen, maar ook al komen er geen vingers, het blijft belangrijk zichtbaar in de klas aanwezig te zijn. Het is niet een moment om achter de computer te duiken of toetsen na te kijken. Je wilt de klas het gevoel geven dat je het samen doet en dat je over hun leerproces waakt. Bestudeer ook de klas: welke leerling gaat al goed zelfstandig aan de slag? Welke leerling heeft moeite met focus te houden? Observeren van leerlingen in hun leerproces wordt vaak vergeten in het onderwijs omdat we door moeten kachelen naar de toets, de les willen afronden, of we te veel met orde bezig zijn. Echter, observeren kan waardevolle informatie opleveren over leerlingen en daarmee uiteindelijk de band tussen leraar en leerling versterken.

Study. Fold. Do. Assess. Check.
Leerlingen moeten de werkbladen maken via een bepaald principe. Het is niet ‘maken en dan de antwoorden controleren.’ Voor dieper leren moet je actief en bewust met de leerstof omgaan. Hiervoor moet je vertragen en reflecteren op je eigen kennis. De werkbladen werken volgens vijf stappen: leren, vouwen, maken, controleren, nakijken.

Leren
De leerlingen hebben de stof al in een eerdere les via EDI aangeboden gekregen (hierbij schrijf ik de aantekeningen op het bord en de leerlingen schrijven mee). Ik heb de stof samengevat aan de bovenkant van het blaadje. De leerling bekijkt de stof en herhaalt het voor zichzelf. Dit is een vorm van gespreid leren (spaced learning) waarbij de stof na een bepaalde tijd weer terugkomt.

Vouwen
De leerling vouwt de theorie naar achteren zodat deze niet meer zichtbaar is.

Maken
De leerling maakt één oefening. De vragen moeten worden gemaakt vanuit het eigen geheugen. De leerling mag het blad niet terugvouwen, naar eigen aantekeningen kijken, of het aan een medeleerling vragen. Leerlingen mogen de docent vragen stellen, maar deze geeft alleen tegenvragen waar de leerling weer verder mee aan de slag moet. Als hij toch niet tot een antwoord komt, moet hij de tijd nemen en graven in zijn geheugen. Lukt het echt niet, dan moet het item opengelaten worden.

Controleren
Als de hele oefening is gemaakt, vouwt de leerling de theorie terug en kijkt deze na met behulp van de theorie aan bovenkant van het blad. Dit is om na te gaan of de leerling de theorie begrijpt. Als bij het nakijken blijkt dat de leerling toch nog fouten heeft, is kans vrij groot dat zij de theorie nog niet helemaal heeft begrepen. Deze informatie krijg je niet door direct naar de antwoorden te gaan. De kans is dan groot dat je iets herkent of logisch voelt, zonder dat je daadwerkelijk begrijpt waarom het het goede antwoord is.

Nakijken
De leerling draait het blad om en vindt daar het antwoordmodel. Vaak zijn de antwoorden genummerd zoals A2 of D1. Deze nummers verwijzen naar de theorie die ook op de achterkant van het blad staat. Door middel van de nummering komt de leerling erachter waar een antwoord vandaan komt. Wanneer de leerling een antwoord toch niet begrijpt, kan hij zijn vinger opsteken en de docent vragen om feedback. Omdat ze weten waar het goede antwoord in de theorie staat, kunnen ze veel gerichter een vraag stellen: ‘meneer, ik heb dit antwoord maar bij A2 staat xyz. Waarom is xyz hier van toepassing?’

Vervolg
Hierna gaat de leerling aan de slag met een ander grammaticaonderdeel. Ze moeten namelijk de theorie weer een beetje vergeten om het later weer op te halen om het geheugen versterken. Dit is het ‘gelaagd leren’.

Variatie
Er zijn klassen die, nadat ze minimaal één oefening van elk onderdeel hebben gemaakt, aan een ander vak mogen werken. Ze mogen mij dan ook vragen stellen hoe ze stof beter eigen kunnen maken, zoals bijvoorbeeld woordenverwerving bij Latijn of teksten leren bij geschiedenis.

Modelleren voor beter studiegedrag
Met behulp van de pomodoro planner, de korte focussessies, het actief eigen maken van stof, graven in het geheugen, gericht vragen stellen, en het gelaagd leren in de les modelleer je studiegedrag dat leerlingen thuis kunnen uitvoeren.

Als docent zijn we niet alleen verantwoordelijk voor het overbrengen van kennis maar ook voor het leerproces om die kennis eigen te maken. Door van tijd tot tijd studiesessies in je lessen te plannen, creëer je momenten om dat leerproces zichtbaar te maken voor de leerling en de docent. Het levert ook de waardevolle onderwijsleerprocesgesprekken met de leerling en de klas. Met zelfregulatielessen krijgen leerlingen een gevoel van controle en meesterschap over hun leerproces en zullen daarmee beter autonoom en kritisch hun leerproces kunnen benaderen.

Categories: , , , , ,